1 Inleiding
De student leert dat er verschillende methoden van tafsīr bestaan, zoals tafsīr bi‑l‑ma’thur, tafsīr bi‑l‑ra’y, symbolische, rechtsgeleerde, sociale, literaire, wetenschappelijke en taalkundige exegese. Hij leert dat tafsīr bi‑l‑maʾthūr de oudste en meest betrouwbare methode is, maar dat deze zwakke punten kent zoals Israëliyyāt en onbetrouwbare ketens. De student leert dat tafsīr bi‑l‑ra’y soms toegestaan is onder strikte voorwaarden van ijtihād, en dat meningsverschillen ontstaan door Arabische woorden met meerdere betekenissen. Hij leert dat symbolische tafsīr alleen onder voorwaarden geoorloofd is, dat rechtsgeleerde tafsīr voorschriften afleidt op basis van de vier wetscholen, en dat elke methode zijn eigen geleerden en klassieke werken heeft. Tot slot leert de student welke kennis en eigenschappen een exegeet moet bezitten om de Qur’ān verantwoord uit te leggen.
2 Vormen van tafsīr
- Tafsīr bi‑‘l‑Ma’thur (exegese van de Qur’ān met andere Qur’ān‑verzen)
- Tafsīr bi‑‘l‑Ra’y (exegese van de Qur’ān op basis van menselijke opinie)
- Tafsīr al‑Ishārī (symbolische exegese)
- Tafsīr al‑Fiqhī (rechtsgeleerde exegese)
- Tafsīr al‑‘Ijtimāʿī wa‑l‑Adabī (sociale en literaire exegese)
- Tafsīr al‑ʿilmī (wetenschappelijke exegese)
- Tafsīr al‑Lughawī (taalkundige exegese)
3 Fundamenten van tafsīr en voorwaarden waaraan een exegeet moet voldoen
Ibn ʿAbbās deelt tafsīr in vier categorieën:
- Goede kennis van grammatica, retorica en welsprekendheid van het Arabisch (al‑iʿdjāz).
- De betekenissen van de Qur’ān‑verzen kennen (wat verboden en wat toegestaan is).
- Ijtihād (zelfstandige oordeelsvorming).
- Specifieke thema’s zoals geloofsleer (geest, engelen en Dag des Oordeels).
Voorwaarden voor een exegeet: hij heeft goede kennis van:
- Grammatica, retorica en welsprekendheid van het Arabisch.
- Asbāb al‑nuzūl (inhoud, stijl, indeling, etc.).
- Al‑ʿAqīdah (geloofsleer).
- Al‑fiqh (rechtsbronnen, jurisprudentie).
- Al‑ḥadīth (tradities van de Heilige Profeet ﷺ).
- Shurūṭ tatbīqiyya (goede beheersing van bovengenoemde wetenschappen).
- Shurūṭ ʿaqliyya (wijsgeer zijn, voorschriften uit de Qur’ān kunnen afleiden).
- Shurūṭ akhlāqiyya wa dīniyya (rechtvaardig en oprecht zijn).
4 Tafsīr bi‑‘l‑Ma’thur
4.1 Omschrijving en zwakke punten
Tafsīr bi‑‘l‑Ma’thur is de belangrijkste tafsīr‑methode, omdat de Qur’ān met Qur’ān‑verzen wordt uitgelegd. De registratie van deze tafsīr begon eind 1e / begin 2e Hijri. In het begin werd deze tafsīr gezien als onderdeel van de ḥadīth. Shuʿbah ibn al‑Ḥajjāj was de eerste die met de registratie begon.
4.2 Definitie
Tafsīr al‑Ma’thur is de oudste methodiek. Hieronder wordt verstaan: het verduidelijken van de Qur’ān op basis van Qur’ān‑verzen, Sunnah, uitleg van de Ṣaḥābah, Tābiʿīn of Tābiʿī Tābiʿīn.
4.3 Zwakke punten Israëlitische verhalen (al‑Israʾīliyyāt)
Overleveringen van verhalen door bekeerde joden tot de Islam. Sommige exegeten gebruikten deze om extra uitleg te geven aan Qur’ān‑verzen.
- Verhalen die in strijd zijn met Qur’ān of Sunnah worden verworpen.
- Verhalen die niet in strijd zijn worden gelaten voor wat ze zijn.
- Ibn Kathīr zegt dat alle verhalen die in strijd zijn met logica onaanvaardbaar zijn in de Islam.
4.4 Ontbreken van ketens van overleveraars (silsilah)
Uit islamitische bronnen blijkt dat na de Tābiʿīn de silsilah van overleveraars minder betrouwbaar werd. Daarom formuleerden ḥadīth‑wetenschappers strenge voorwaarden om ketens van alle uitspraken van de Profeet ﷺ te toetsen.
4.5 Belangrijkste boeken van tafsīr bi‑‘l‑Ma’thur
Belangrijke exegeten zijn Sufyān ibn ʿUyaynah, Wakīʿ ibn al‑Jarrah, Shuʿba ibn al‑Ḥajjāj, al‑Ṣaḥīḥ al‑Bukhārī, Ibn Mājah, Ibn Mardawayh en Ibn Ḥibbān.
4.6 Drie belangrijke tafsīr‑boeken
- Jāmiʿ al‑Bayān – Ibn Jarīr al‑Ṭabarī
In Caïro gedrukt in 30 delen. Kenmerkend: uitleg van Qur’ān‑verzen met Qur’ān‑verzen, ḥadīth, Arabische poëzie en uitspraken van de Ṣaḥābah. Hij leidt handelingsnormen af uit verzen en geeft elke uitlegde vers een titel.
- Tafsīr van Ibn Kathīr
Richt zich op uitleg met Qur’ān‑verzen, ḥadīth en uitspraken van de Ṣaḥābah. Baseert zijn werk grotendeels op Ṭabarī. Bekritiseert zwakke ketens en richt zich op taalkundige aspecten.
- Lubāb al‑Taʾwīl – al‑Khāzin
Bevat enkele zwakke overleveringen, waardoor Qur’ān‑experts zich afvragen of zijn methode niet eerder tot tafsīr bi‑l‑Ra’y behoort. Toch volgt hij de lijn van tafsīr bi‑‘l‑Ma’thur.
5 Tafsīr bi‑‘l‑Ra’y
Exegese van de Qur’ān op basis van menselijke opinie, dus verduidelijking van betekenissen op basis van zelfstandig oordeel. Sommige mufassir zeggen dat dit niet is toegestaan; anderen zeggen dat het onder voorwaarden van ijtihād wel mogelijk is.
5.1 Standpunten van geleerden (verboden volgens sommigen)
Omdat men dan spreekt over:
- Allāh Ta’ālā op basis van persoonlijke opinie zonder Qur’ān of Sunnah.
- De Qur’ān beter willen uitleggen dan de Profeet ﷺ.
- De Qur’ān zonder diepgaande kennis (inhoud, stijl, grammatica).
- De Profeet ﷺ waarschuwde dat wie op basis van ra’y spreekt, zijn plaats in de hel kan krijgen.
5.2 Toegestaan volgens anderen
Omdat:
- Ra’y wordt gedefinieerd als ijtihād, wat is toegestaan.
- De Profeet ﷺ niet alle verzen heeft uitgelegd.
- Sommige verzen meerdere betekenissen hebben (zoals rūḥ).
- Het feit dat sommige metgezellen geen ijtihād deden niet betekent dat het verboden is.
Het verschil van mening komt voort uit Arabische woorden met meerdere betekenissen en uit de specialisatie van de mufassir.
5.3 Voorwaarden voor ijtihād
Goede kennis van Qur’ān‑wetenschappen, geloofsleer en thema’s zoals strafrecht en euthanasie. De deelnemers moeten benoemd zijn door de Raad van ʿUlamāʾ.
Belangrijkste boeken van tafsīr bi‑‘l‑Ra’y
- al‑Zamakhsharī – al‑Kashshāf
- al‑Rāzī – Mafātīḥ al‑Ghayb
- al‑Ālūsī – Rūḥ al‑Maʿānī
6 Tafsīr al‑Ishārī
Symbolische exegese, gebaseerd op figuurlijke uitleg (al‑hawā). Wordt ook tafsīr al‑Sufi genoemd. De meeste uitleggers zijn mystici.
6.1 Twee soorten soefi’s
- Soefi’s die hun leven baseren op Qur’ān, Sunnah en vrijwillige gebeden.
- Soefi’s die eigen denkbeelden volgen en niet de methoden van islamgeleerden.
6.2 Standpunten toegestaan onder voorwaarden
- Mag niet in strijd zijn met de bedoeling van de verzen.
- Mag niet in strijd zijn met Arabische grammatica.
- Mag niet in strijd zijn met logica.
Verboden volgens anderen
Omdat:
- Verzen meestal letterlijk moeten worden genomen.
- Mystieke interpretaties soms de betekenis verdraaien.
- Sommigen ṣalāt uitlegden als dhikr i.p.v. het verplichte gebed.
Belangrijke boeken
- al‑Tustarī – al‑Qur’ān al‑ʿAzīm
- Ibn ʿArabī – metaforische interpretaties
- al‑Ālūsī – combineert ra’y en symboliek
7 Tafsīr al‑Fiqhī
Exegese op basis van rechtsgeleerdheid. Gebaseerd op de vier wetscholen: Ḥanafī, Shāfiʿī, Ḥanbalī en Mālikī.
Rechtsgeleerde termen
- al‑Aḥkām al‑Fiqhiyya: rechtsgeleerde voorschriften
- Qawāʿid fiqhiyya: rechtsgeleerde regels
Ontstaan
Ontstaan door onduidelijkheid van verzen over geloofsleer en praktische voorschriften (salāt, zakāt, hadj, erfrecht, koop/verkoop, huwelijk, echtscheiding). De mufassir leidt voorschriften af op basis van Qur’ān en Sunnah.
Meningsverschillen
Voorbeeld: qurūʿ in 2:228 kan thur of ḥayḍ betekenen.
Belangrijkste boeken
- al‑Jassās – methode op basis van chronologie
- al‑Qurṭubī – al‑Jāmiʿ li‑Aḥkām al‑Qur’ān