1 Actieve stam

Net als bij het werkwoord in de verleden tijd heeft de actieve stam van het drieletter onvolmaakte werkwoord ook drie mogelijke patronen:

  1. yaf‘a‑lu: de ‘ain‑positie heeft een fathah, zoals in yaftaḥu (hij opent) en yashrabu (hij drinkt).
  2. yaf‘u‑lu: de ‘ain‑positie heeft een dhammah, zoals in yansuru (hij helpt) en yaktubu (hij schrijft).
  3. yaf‘i‑lu: de ‘ain‑positie heeft een kasrah, zoals in yaḍribu (hij slaat) en yajlisu (hij zit).

Ook hier is het vaststellen van het exacte patroon uit de bovenstaande drie voor een bepaald werkwoord een kwestie van onthouden en vocabulaire.

2 Passieve stam van het onvolmaakte werkwoord

De passieve stam van het onvolmaakte werkwoord wordt gevormd uit de actieve stam door:

  1. a) de klinker van de voorlaatste letter te veranderen in een fathah, als deze nog geen fathah heeft (zoals in de patronen 2 en 3),
  2. b) het voorvoegsel een dhammah te geven (het zgn. mudhāri‘‑teken).

Voorbeelden:

  • yaftaḥuyuftaḥu (het wordt geopend / zal worden geopend)
  • yansuruyunsaru (hij wordt geholpen / zal worden geholpen)
  • yaḍribuyuḍrabu (hij wordt geslagen / zal worden geslagen)

Negatieve tijden: Het toevoegen van het partikel aan het begin van zowel de actieve als de passieve stamvervoegingen maakt het werkwoord negatief. Door het bovenstaande te combineren, krijgen we vier afzonderlijke tabellen voor het onvolmaakte werkwoord (Fi‘l Muḍāri‘):

  1. yaf‘alu – actieve, positieve imperfectum
  2. yuf‘alu – passieve, positieve imperfectum
  3. lā yaf‘alu – actieve, negatieve imperfectum
  4. lā yuf‘alu – passieve, negatieve imperfectum

3 Nadrukkelijke ontkenning via het partikel lan

Het toevoegen van het partikel lan aan zowel de actieve als de passieve stam veroorzaakt een verandering in het Muḍāri‘, zowel in betekenis als in eindklinker.

Veranderingen in betekenis:

  1. de betekenis wordt negatief,
  2. het werkwoord verliest zijn tegenwoordige tijd en wordt beperkt tot de toekomstige tijd,
  3. de ontkenning wordt benadrukt.

Voorbeelden:

  • yansurulan yansura (hij zal nooit helpen)
  • yunsarulan yunsara (hij zal nooit geholpen worden)

Woordwijziging:

  1. De vijf vervoegingen die eindigden op een dhammah zullen nu eindigen op een fathah.
  2. Van de overige negen vervoegingen zullen alle — behalve de twee vrouwelijke meervouden — hun laatste nūn verliezen.
  3. Er zal geen verandering optreden in de twee vrouwelijke meervouden; de laatste nūn in deze twee vervoegingen zal niet wegvallen.

De tabellen zijn als volgt:

  1. lan yaf‘ala – actieve, benadrukte ontkenning van de toekomstige tijd
  2. lan yuf‘ala – passieve, benadrukte ontkenning van de toekomstige tijd