Inleiding

Deze les gaat over de ontwikkeling van de kleuter. In deze levensfase wordt het kind steeds zelfstandiger en groeit het uit tot iemand die graag deel uitmaakt van een groep. Daarnaast besteden we aandacht aan taalgericht werken en de relatie daarvan met de cognitieve ontwikkeling van kinderen. In deze les staan de lichamelijke, motorische, cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling centraal.

Kleuters zijn van nature nieuwsgierig en hebben een sterke behoefte om nieuwe dingen te leren en te ontdekken. Zij zijn intrinsiek gemotiveerd om nieuwe vaardigheden te ontwikkelen en hun omgeving te begrijpen. Taal speelt hierbij een belangrijke rol, omdat taalontwikkeling nauw samenhangt met de cognitieve ontwikkeling. Daarom besteden we in deze les aandacht aan de belangrijkste ontwikkelingsmijlpalen van de kleuter.

1 Ontwikkeling van de kleuter

Een kleuter is een kind in de leeftijd van vier tot zes jaar. In deze periode groeit het kind gemiddeld tot een lichaamslengte van 1,00 tot 1,20 meter en heeft het een gewicht van ongeveer 18 tot 20 kilogram. De kleuter wordt steeds zelfstandiger en leert steeds beter functioneren binnen een groep.

2 Motorische ontwikkeling: leren door te doen

De motorische ontwikkeling heeft betrekking op bewegen en het gebruik van de zintuigen. Door actief bezig te zijn en ervaringen op te doen, ontwikkelt het kind nieuwe vaardigheden en worden verbindingen in de hersenen versterkt. Volgens Jean Piaget bevindt het kind zich in deze leeftijdsfase in de pre-operationele fase. Het denkt nog vooral intuïtief en baseert zich minder op logisch redeneren. Het kind heeft daardoor soms het idee dat het zelf de oorzaak is van gebeurtenissen in de omgeving.

3 Kleuterangsten

Bij kinderen tussen ongeveer anderhalf en zes jaar komen verschillende angsten regelmatig voor. Scheidingsangst, de angst om gescheiden te worden van vertrouwde verzorgers, is op deze leeftijd heel normaal. Daarnaast ontstaan steeds vaker angsten die voortkomen uit de fantasie van het kind. Voorbeelden hiervan zijn angst voor het donker, harde geluiden, spinnen en andere insecten, grote honden, de kapper of het gebruik van het toilet.

4 Wat kan een pedagogisch medewerker doen?

Angst is een normaal onderdeel van de ontwikkeling. Vrijwel ieder kind is gedurende een bepaalde periode ergens bang voor. Angst neemt meestal af wanneer een kind leert omgaan met de situatie die het spannend vindt. Pedagogisch medewerkers kunnen kinderen hierbij ondersteunen door begrip te tonen, veiligheid te bieden en hen stap voor stap vertrouwen te laten opbouwen. Kinderen die leren omgaan met hun angsten, hebben daar hun hele leven profijt van.

5 Spieren en lengte (lichamelijke ontwikkeling)

Tijdens de kleutertijd verdwijnt het puppyvet uit de peuterfase geleidelijk en worden spieren sterker ontwikkeld. Lengte en gewicht groeien meer in verhouding tot elkaar. Tegelijkertijd is dit een belangrijke periode voor het ontwikkelen van gezonde leefgewoonten. Kinderen die onvoldoende bewegen of ongezonde eetgewoonten hebben ontwikkeld, lopen een groter risico op overgewicht.

Ook begint het melkgebit plaats te maken voor het blijvende gebit. De eerste tanden gaan wisselen. Kleuters hebben van nature veel energie en bewegen graag. Rennen, springen, klimmen en spelen dragen bij aan een gezonde lichamelijke ontwikkeling.

6 Risico op overgewicht

Gezonde voeding en voldoende lichaamsbeweging zijn essentieel voor een gezonde ontwikkeling. Wanneer kinderen al op jonge leeftijd weinig bewegen of ongezonde eetgewoonten ontwikkelen, kan dit leiden tot overgewicht. Daarnaast verbeteren in deze levensfase de coördinatie en het evenwicht. Kinderen bewegen steeds soepeler en doelgerichter. Actief buitenspelen stimuleert niet alleen de lichamelijke ontwikkeling, maar ook het concentratievermogen.

7 Moeite met stilzitten (motorische ontwikkeling)

Kleuters hebben een grote behoefte aan beweging. Zij onderzoeken de wereld met hun hele lichaam en oefenen voortdurend nieuwe motorische vaardigheden. In eerste instantie zijn hun bewegingen nog weinig doelgericht, maar geleidelijk ontwikkelen zij meer controle over hun lichaam. Hierdoor verbeteren zowel de grove als de fijne motoriek. Voldoende mogelijkheden om te bewegen zijn belangrijk voor een gezonde ontwikkeling.

8 Intuïtief denken (cognitieve ontwikkeling)

In deze fase gaat fantasie langzaam plaatsmaken voor een realistischer beeld van de wereld. Kleuters krijgen steeds meer begrip van oorzaak en gevolg en leren eenvoudige situaties logisch te verklaren. Toch blijft hun denken nog grotendeels intuïtief. Zij redeneren vaak vanuit hun eigen ervaringen en hebben moeite om zich te verplaatsen in het perspectief van anderen. Dit wordt ook wel egocentrisch denken genoemd en is kenmerkend voor de pre-operationele fase van Piaget.

9 Vriendschappen (sociaal-emotionele ontwikkeling)

Tijdens de kleutertijd worden vriendschappen steeds belangrijker. Kinderen leren samen spelen, samenwerken en rekening houden met anderen. Imitatie speelt hierbij een belangrijke rol. Door gedrag van leeftijdsgenoten en volwassenen na te bootsen, leren zij sociale vaardigheden aan. Ook worden groepsregels, rollen en verwachtingen steeds duidelijker voor het kind.

10 Grenzen opzoeken

Nu het geweten zich verder ontwikkelt, weet het kind steeds beter wat wel en niet mag. Toch kan het soms bewust regels overtreden. Dit gebeurt bijvoorbeeld omdat het aandacht wil krijgen, grenzen wil verkennen of een regel niet begrijpt. Voor opvoeders en pedagogisch medewerkers is het belangrijk om te kijken naar de behoefte achter het gedrag. Positief gedrag belonen en consequent reageren op ongewenst gedrag helpt kinderen om gewenst gedrag aan te leren.

11 Ontwikkeling van schaamtegevoelens

Kleuters worden zich steeds bewuster van hun eigen lichaam en privacy. Waar zij eerder nog onbevangen met bloot omgingen, kunnen zij nu meer behoefte krijgen aan privacy tijdens het omkleden of wassen. Ook ontdekken zij dat bepaalde woorden reacties oproepen bij anderen. Het gebruik van zogenaamde “vieze woorden” vinden veel kleuters daarom grappig en spannend. Dit gedrag hoort bij hun sociale en emotionele ontwikkeling en het verkennen van sociale grenzen

 

Oefenbestanden
Basisschoolkind (pdf)
258,39 KB